home&trends - logo
U bevindt zich hier: nl - Nieuws

VASTGOED HANDHAAFT ZICH MOEITELOOS IN HOGEDRUKGEBIED

De vastgoedstatistieken van de FOD Economie hebben met de jaren een echte barometerfunctie gekregen. De recent vrijgegeven cijferdans over 2014 is bijzonder geruststellend: de vastgoedmarkt is zich probleemloos blijven handhaven in het hogedrukgebied waarin ons land zich al jaren bevindt. De kans op onweer is zo goed als nihil.

 

Natuurlijk zijn, net zoals bij de verkiezingen, de resultaten voor afwijkende interpretaties vatbaar. Dat zit in de natuur der dingen zelf ingebakken. Maar wat vooral opvalt is dat niemand nog met het dreigbeeld van de zeepbel, van de ei zo na uiteenspattende vastgoedbubbel uitpakt.

Dat komt onder meer door het afzwakken van de ogenschijnlijke rotvaart waarmee de vastgoedprijzen enkele jaren terug stegen. Let wel: de waardestijging op jaarbasis is vandaag nog altijd een stuk hoger dan de (vaak negatieve) inflatiegraad en de almaar krimpende rente op spaarrekeningen.

Ook de veelvuldige waarschuwingen over de gevolgen van de gedeeltelijke afslanking der woonbonus bleken er naast te zitten. De aangekondigde hervorming van de woonbonus heeft weliswaar tot een groter aantal transacties aangezet, maar van een echte boost was nu ook weer geen sprake.

De omstandigheden worden vanzelfsprekend ook gediend door de historische lage rentetarieven bij hypotecaire leningen. Ze vormden tijdens de eerste maanden van dit jaar alvast een enorme ‘drive’ voor al wie zich een bestaande of nieuw te bouwen woning wil aanschaffen. De bewoners van dit land mogen dan wel met een zogenaamde baksteen in de maag behept zijn, de recente (met buurlanden) vergelijkende pensioenstatistieken tonen net zo goed aan dat het rendement van een eigendom, als een soort officieuze extra-pensioenpijler, heel welgekomen kan zijn in deze snel vergrijzende maatschappij.

Maar nog even terug naar de cijfers van 2013. Alle categorieën werden vorig jaar wat duurder. Dat gold dus ook de sector van de villa’s waar ogenschijnlijk ietwat de mot inzat, al ging dat dan in de praktijk meestal over exemplaren die behoorlijk verouderd en energieverslindend zijn, of waar met andere woorden nog een pak additionele kosten aan waren. Instapklare villa’s blijven scoren.

Cijfermatig bekeken wil dit zeggen dat in 2014 voor een woonhuis, gemiddeld over alle 589 gemeenten van het land heen, 199.868 euro werd betaald, hetzij een stijging met 1,1 % in vergelijking met 2013. Een appartement kostte gemiddeld 209.516 euro (+0,8 %), een villa of landhuis 333.736 euro (+ 0,6 %). De uitschieter was de grondprijs die tot 117 euro per m2 steeg, en da’s 4,8 % duurder dan het jaar voordien.

Extrapolatie van Vlaanderen toont resultaten die meer afwijken dan de spreekwoordelijke slok op de borrel. Een woonhuis kostte er gemiddeld 213.558 euro, een appartement 214.465 euro, een villa 355.394 euro en bouwgrond 179 euro per m2. Allemaal stijgende factoren, bouwgrond zelfs met bijna 6 %.

In sommige gebieden zijn de prijsstijgingen nog een stuk opvallender. Zo gingen de bouwgronden in Oost-Vlaanderen globaal met ruim 12 % naar boven. De Gentse rand lijkt almaar groter te worden. Bij wijze van spreken ontsnapt alleen nog Ronse, in het uiterste zuidwesten, (met een gemiddelde van amper 76 euro per m2 bouwgrond) aan de hausse.

Aan de Oost-Vlaamse top staat De Pinte (met 311 euro per m2 bouwgrond), op de hielen gezeten door Nevele (297 euro/m2). St.-Martens-Latem heeft zoals van oudsher de duurste woningen (gemiddeld 313.135 euro in 2014) en villa’s (550.548 euro), terwijl de hoogste gemiddelde bedragen voor appartementen of meergezinswoningen betaald werden in Lochristi (293.105 euro), gevolgd door Melle (287.501 euro). De goedkoopste appartementen stonden dan weer in Zelzate (gemiddeld 154.616 euro) en Wichelen (165.353 euro).

In West-Vlaanderen zorgde Kortrijk, weliswaar in proportioneel duidelijk mindere mate, voor een gelijkaardig effect als Gent met het ommeland ervan. Aan de kust bleef Knokke-Heist de eigen identiteit van duurste gemeente met sprekend gemak handhaven: een stuk bouwgrond kostte er bijvoorbeeld gemiddeld 1.101 euro per m2, een villa 1.329.719 euro. Nog aan de Oostkust presteerde ook Blankenberge prima, onder meer met bouwgronden (640 euro per m2) die gemiddeld bijna 8 % duurder werden en villa’s met gemiddelde prijzen van 363.233 euro ruim 5 % in waarde stegen.

Uiteraard is de databank van de FOD Economie niet één uitvoerig zegebulletin. Hier en daar zijn nogal wat mintekens, soms met zelfs uitgesproken negatieve prijsevoluties te bespeuren. Koksijde(-Oostduinkerke) is zo’n voorbeeld. Vorig jaar kostte een woonhuis er gemiddeld 230.503 euro, of -9,5 %, bouwgrond 430 euro/m2, of -30 %.

Maakt men echter de vergelijking met 10 jaar terug, dan zijn de woonhuizen op deze locatie aan de Westkust globaal nog steeds met liefst 84 % in waarde gestegen en bouwgronden zelfs met 185 %. In dit tijdsperspectief wordt het resultaat immens. Over de hele lijn trouwens, met echt wel héél schaarse uitzonderingen. Vanuit die invalshoek bekeken overtreft vastgoed als investering in zeer hoge mate het begrip van de loutere waardevastheid.



Deel dit artikel!