home&trends - logo
U bevindt zich hier: nl - Vastgoednieuws

Meetjesland

Op ontdekking per benenwagen, fiets, Vespa of huifkar? 
In het Meetjesland kan het allemaal!

Niets mis met verre horizonten, maar soms ligt vakantiegeluk gewoon heel dichtbij. Neem nu het bijzonder charmante Meetjesland. Dit stukje Oost-Vlaanderen ligt bezaaid met kastelen en bossen en tal van kreken. Fietsen is een makkie hier, want het landschap is nagenoeg vlak. Herbronnen? Dat kan je hier als de beste, dankzij de tips van Home & Trends.

Het begint al bij de naam: het Meetjesland. Zeg nu zelf, hoe kan die niet tot te verbeelding
spreken? Er doen overigens verschillende legendes de ronde over de oorsprong
ervan. De meest voor de hand liggende is die waarbij ‘meetjes’ verwijzen naar de lange,
smalle reepjes grond die typisch zijn voor de streek. Volgens een andere overlevering verwijst het Meetjesland dan weer naar een doortocht van Keizer Karel V, die bekend stond om zijn forse seksuele honger. Iets wat de streekbewoners ertoe noopte hun dochters binnenshuis te houden. Toen de keizer door de regio trok, zag hij dan ook alleen maar oude vrouwen – meetjes, in het Oost-Vlaams – die zaten te spinnen voor hun huis. Hij waande zich in het land van alleen maar meetjes, het Meetjesland dus.

Een streek van noeste arbeid
Of Keizer Karel V aan de grondslag ligt van de naam Meetjesland valt te betwijfelen. Toch is het een verhaal waarvan je bijna zou hopen dat het echt zo gelopen is. Maar eerlijk is eerlijk: wellicht is er nog een derde en meest waarschijnlijke verklaring voor de naam die dit stukje Oost-Vlaanderen kreeg. In de 17de en 18de eeuw stond het Meetjesland bekend om haar lijnwaadproductie. Het was een voor de hand liggende nijverheid, met Gent – destijds één van de belangrijkste lijnwaadmarkten in Vlaanderen – op een boogscheut. De aanwezigheid van een groot aantal wevers betekende ook dat er tal van spinsters tewerkgesteld waren in de regio. Elke wever had er gemiddeld vier in dienst. En die spinsters waren meestal vrouwen: moeders en meetjes. Bij mooi weer sponnen de dames buiten voor de deur, waardoor ze heel zichtbaar waren. De kans is dus groot dat het Meetjesland haar naam te danken heeft aan de noeste arbeid van weleer.

Polders en kreken
Het Meetjesland is een heerlijke streek om eens een weekend te gaan verpozen of – waarom niet? – zelfs om je te vestigen. We zeiden het al in de inleiding: je kan hier eindeloos fietsen langs en doorheen prachtige natuur. Ook aan wandelroutes is er geen gebrek. In het noorden grenst het Meetjesland aan het Nederlandse Zeeuws-Vlaanderen, in het westen aan de provincie West-Vlaanderen en in het oosten en zuiden aan de regio Gent en het Waasland. Haar landelijke charme lokt heel wat toeristen. Het plattelands-, hoeve- en fietstoerisme tiert hier dan ook welig. In het noorden liggen bovendien prachtige polders met verschillende waterlopen en kreken. De grootste kreek van de regio is de Boerekreek, een waterplas van zes kilometer lang met een groot beschermd natuurreservaat en het Provinciaal Centrum De Boerekreek. Waar al het water in die kreken vandaan komt? Je hoeft niet ver te zoeken, als je weet dat Zeeuws-Vlaanderen vlakbij is. In vroegere eeu-wen werd het Meetjesland geregeld overspoeld door de zee en dat is tot op vandaag zichtbaar.

Fietsen langs kanalen…
Er is nog wel meer water in het Meetjesland, in de vorm van een netwerk van kanalen. Drie van die kanalen zijn erg bekend. Het Kanaal Gent-Brugge zorgt al sinds de middeleeuwen voor een verbinding tussen Gent en Brugge. Het kanaal werd in de loop der eeuwen ver-breed voor grotere binnenschepen en hier en daar werd het traject rechtgetrokken. Het Schipdonkkanaal werd in 1842 en de daar-opvolgende jaren gegraven en moest overtol-lig Leiewater naar de Noordzee afvoeren. En dan is er nog het 43 km lange Leopoldkanaal, dat het Meetjeslandse polderdorp Boekhou-te met Zeebrugge verbindt. Vandaag zijn alle drie deze kanalen met hun fraaie bomenrijen en platte dijken zeer in trek bij fietsers. Je kunt het Meetjesland overigens ook ontdekken met paard en huifkar. Hipsters kunnen dan weer een Vespa huren en in stijl rondsnorren.

Vissersdorp zonder haven
Een café zonder bier is één ding. Een vissers-dorp zonder haven nog iets heel anders. En toch vind je zo’n dorp in het Meetjesland. Het luistert naar de naam Boekhoute en leunt tegen de grens met het Nederlandse Zeeland aan. Het is een mini-dorp, maar o zo pittoresk én het kan bogen op een rijke geschiedenis.Ooit was hier uiteraard wél een haven, maar die ging verloren door de verzanding van het gebied. Daarop trokken de Boekhoutse vissers van weleer naar de binnenwateren van Zeeland. Het dorp lag met andere woorden in België, terwijl het werkterrein en de haven van de bonkige heren in Nederland lag. Tijdens de Eerste Wereldoorlog sloten de Duitsers de grens, waardoor de haven niet meer gebruikt kon worden. Later verkasten de vissers naar Terneuzen en Breskens. Pal naast de kerk vind je overigens een monument dat verwijst naar dat vissersverleden. Daar ligt immers de BOU- 8, een vissersboot die in 1973 in het dorpscentrum werd ‘neergepoot’ en zo de herinnering aan de roots van Boekhoute levend houdt. Naast de kerk prijkt het romantische Kasteel ter Leyen. Je kan er heerlijk wandelen in de prachtige Engelse kasteeltuin met vijvers. Er valt ook geregeld wat te beleven.

Van stoomtrein tot krulbol
Naast Roos Van Acker heeft Eeklo – dat ook in het Meetjesland ligt – nog een paar fijnigheden voortgebracht. Deze mooie centrumstad telt een aantal historische parels en je vindt er ook het Jeneverhuis, een museum dat gewijd is aan – je raadt het nooit – jenever, ofwel ‘een goed druppelke’. Tussen Eeklo en Maldegem loopt trouwens nog een oude spoorlijn waarop van mei tot september geregeld een stoomtrein tuft. Die vertrekt  vanuit het Stoomcentrum in Maldegem, een museum dat is ondergebracht in een charmant stationnetje uit 1862. En als je dan toch in Maldegem bent, probeer dan zeker eens een potje krulbol mee te pikken. Deze volkssport werd door de Vlaamse Gemeenschap op de lijst van ‘waardevol cultureel erfgoed’ gezet en dat is niet toevallig. Krulbol dateert met zekerheid uit de middeleeuwen en werd ooit zelfs tot in Frans-Vlaanderen intens beoefend. Geloof ons: een rondje krulbol en een streekbiertje, meer moet dat soms niet zijn.

Wonen in het Meetjesland
Misschien heb je na het lezen van dit alles wel zin gekregen om je te vestigen in deze streek. Daar zijn in ieder geval genoeg goede redenen voor te bedenken. Rust, natuur, lekker eten en een vlotte bereikbaarheid, om er maar enkele te noemen. Reken daar nog bij dat vastgoed in steden als Aalter en Eeklo een stuk goedkoper is dan in pakweg Gent en je begrijpt waarom steeds meer kandidaat-kopers de weg vinden naar dit stukje Oost-Vlaanderen. Je vindt er een zeer ruim aanbod van nieuwe apparte-menten. De woningmarkt is wat beperkter, omdat promotoren natuurlijk volop inzetten op appartementen. Toch zijn er nog mooie renovatieprojecten te vinden. Daarnaast hebben ook bouwfirma’s hier geregeld woningprojecten lopen.

Niemand die deze streek beter kent dan de vastgoedspecialisten die er zelf leven en wer-ken. Trek dus zeker aan hun mouw als je er op zoek wilt gaan naar een woning.Het Meetjesland kan trouwens ook rekenen op grote belangstelling van investeerders, die hier appartementen kopen om te verhuren. Zowat de helft van het vastgoedaanbod komt in han-den van mensen die hun geld liever beleggen in stenen dan in onzekere spaarboekjes.Conclusie? Het Meetjesland is niet alleen een plek waar je nog lang en gelukkig kunt leven, het is ook een interessant gebied voor mensen die hun spaargeld graag verstandig beleggen.

 

 

 

 



Deel dit artikel!